Terug in tijd…

Hoje, gedurende een Chopela-trip naar Nhangau gisteren, een buiten wijk van Beira, werd ik geattendeerd door de driver over een molen waar ze maïs aan het malen waren. Op dat moment waren we al voorbijgereden, dus ik vroeg hem om te keren zodat ik het even kon bekijken.

Het was een kleine ruimte waarin twee machines stonden. Deze zijn al de moderne versies van de “pilão”. Eentje die de mais afbreekt, waarna het gezeefde wordt; die grote deel wordt weer gemalen en het dunne gedeelte wordt in de andere machine verwerkt waarna alleen meel eruit komt. 

Ik vroeg om foto’s en er werd ingestemd, maar ze waren niet echt spraakzaam; maar dat is echt iets van de Mozambikanen, beetje verlegen en onderdanig misschien tegenover ons, blank.

Eenmaal in de Chopela op de weg terug, vroeg ik aan Cambel hoe het zit met de molen? En het malen handmatig? Hij vertelde dat zijn moeder dat deed, thuis, in de pilão” en dat was harde werk.
Ze had van 4 tot 5 dagen nodig om van het maïsmeel te kunnen maken. Ze stond al rond 4 uur ’s nachts op en begon met malen. Als eerste een keer malen in de “pilão”, en nog een keer, ziften, dan in water leggen, dan in de zon laten drogen, dan pas het laatste proces met *stenen om het meel te verfijnen. Het laten weken en dan laten drogen voor de laatste keer malen is nodig om de meel fijn en wit te krijgen.

En tegenwoordig wordt het niet meer zo vaak gedaan met de pilão. Malen in de molenhuis gaat tegenwoordig snel; malen en malen, en klaar.
Hij zei ook dat zijn generatie dit soort werk niet meer aankunnen. Ze zijn zwakke en lui en kopen het meel in de supermarket.
Hij vertelde dat er in een kleine aantal wijken wordt nog gebruikt gemaakt van het molenhuis, zoals hier in Nhangau, en dat er ook in de Central Markt van Beira wordt gemalen.

Zo merken we dat het leven hier enigszins nog simpeler en hard is, maar ook mooi. Ze planten de maïs, oogsten, verwerken en eten het. 

Onderweg heb ik een pilão gekocht maar alleen voor de sier.

*Hier werd twee stenen gebruikt om het meel te verfijnen.

De volta ao tempo

Durante uma viagem de Chopela a periferia de Beira, Nhangau, o Chopleista disse: estão a moer milho. É um moinho? Volte lá para eu ver. Pedi se podia entrar e fotografar, e o consentimento foi dado. Me mostraram os dois moinhos e me explicaram o processo. O milho é moido em duas fases. A primeira moida, se peneira para separa o fino do grosso. O fino é posto ao sol, e depois moido de novo na segunda máquina.

É um trabalho que já não é muito comum. Cambel, o Chopelista, me contou que sua mãe fazia isso quando ele era criança. Ela se levantava as 4 hs da madrugada para pilar o milho. Ela precisava de quatro a cinco dias para completar o processo do milho à farinha. Moer, fazer o granulado, depois peneirar e por para secar ao sol, depois moer novamente.  E ela não tinha o moinho a eletricidade, era no pilão. A fase final era moida entre duas pedras, para que a farinha fique bem fininha. 

Ele disse que hoje em dia, a geração dele já não é capaz de fazer este processo com o pilão. Eles não tem força para isso. Vão ao mercado comprar a farinha industrializada.

Estes moinhos elétricos existem em alguns poucos bairros na periferia, e também há no Mercado Central da Beira, onde você pode moer seu milho e amendoim, por exemplo.

A vida na periferia, e nos distritos é simples assim. Eles plantam verduras e legumes para consumo próprio. A vida é dura mas também tem o lado bonito.

No caminho de volta comprei um pilão, mas só para enfeite!

Beira, 05 de junho de 2019

Gepubliceerd door Dilma de Faria

Ik ben Dilma de Faria, vrouw, moeder, echtgenote en een wereldburger. Sinds 1993 in Nederland. Sinds maart 2018 leven wij, mijn man Peter en ik, in Beira Mozambique. Ik ben blij en dankbaar dat ik dit alles mag ervaren en beleven. Het leven in Beira bruist maar is ook een tandje langzamer dan we in het westen gewend zijn. Ik word hier wel als een blanke gezien maar word ook snel omarmd omdat ik Braziliaanse ben en hun taal spreek. Dit blog is geboren om mijn verhalen en ervaringen met u te delen. Het leven hier gezien door mijn ogen en vanuit mijn perspectieven. Ik hoop mensen te kunnen prikkelen en tot denken aan te zetten, want Afrika is niet alleen arme mensen die honger lijden. Het is veel meer. De korte verhalen gaan over het dagelijkse leven, over weekeindjes weg, ervaringen vanuit vrijwilligerswerk en andere situaties. Leuk en grappig maar ook moeilijk en triest , want zo is het leven. Amai Pasi betekent Moeder Aarde. Ik heb deze naam gekozen omdat ik me thuis voel in Afrika, Mozambique. Moeder Aarde heeft me hier ontvangen in haar schoot en liefde geschonken.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.